Home » Nederland » Nieuwsbladtransport.nl » NVB creëert samenhang tussen alle digitaliseringstrajecten van binnenhavens


NVB creëert samenhang tussen alle digitaliseringstrajecten van binnenhavens

1 juni 2020 Nieuwsbladtransport.nl

Er gebeurt al heel veel in de binnenhavens op het gebied van digitalisering. Maar samenhang tussen alle digitaliseringstrajecten ontbreekt. De Nederlandse Vereniging van Binnenhavens (NVB) zet zich hiervoor in. Chris van der Meulen, kwartiermaker digitalisering bij de NVB, begeleidt en faciliteert dit proces. ‘De automatisering van het innen van havengelden wordt als een toepassing gezien die als eerste aandacht verdient.’

Van der Meulen is sinds maart dit jaar begonnen als kwartiermaker digitalisering. Hij heeft een achtergrond in innovatie en kennisdeling. ‘Ik heb lang programma’s gemaakt over hoe we normen en waarden vastleggen in technologische toepassingen. Technologie is, in tegenstelling tot wat veel mensen denken, niet een neutraal instrument. Ik houd me vooral bezig met de vraag hoe de inzet van technologie ons handelen verandert. Zo kan digitalisering in binnenhavens niet alleen zorgen voor meer efficiëntie, maar digitalisering biedt ook kansen voor duurzaamheid en veiligheid. Als we door toepassing van digitale applicaties bijvoorbeeld de veiligste en meest duurzame keuzes kunnen vergemakkelijken, ben ik ervan overtuigd dat zowel havenbeheerders als havengebruikers en de BV Nederland daar mee geholpen zijn. Je moet overigens wel transparant zijn naar alle gebruikers over hoe en waarom je dat doet. Ik heb ook zeker een link met de haven. Water is altijd in mijn leven geweest. Ik ben een tijd hellingbaas geweest van een kleine scheepswerf in Rotterdam. Daarnaast woon ik zelf op een schip, een Hasselteraak uit 1909.’

Verschillen

Digitalisering in de binnenvaart laat zich vooral kenmerken door de vele verschillen tussen alle soorten binnenhavens, van klein tot groot en bijvoorbeeld zeehavens die ook binnenhavens zijn. Van der Meulen: ‘Zo zijn er havens die al geëxperimenteerd hebben met digitale oplossingen om hun eigen operatie en administratie te vereenvoudigen en van fouten te ontdoen. Deze digitale koplopers zijn onder andere de havens van Rotterdam en Amsterdam. Maar er zijn ook nog genoeg havens die in de fase zitten dat ze niet weten wat ze met digitalisering moeten doen. Kleine havens worden niet gedwongen om te digitaliseren. Maar ze zien vaak wel dat digitalisering hun eigen operatie naar een hoger niveau tilt. Daarbij geeft digitalisering ook meer inzicht voor beslissingsnemers om het belang van de haven goed in beeld te brengen. Door de data wordt het belang van de haven concreet gemaakt. Sommige gemeenten zien de havens en havengelden als opbrengsten. Maar als je goed weet wat er in de binnenhavens gebeurt aan economische activiteit, zijn die havengelden niet meer zo belangrijk. De economische activiteit en werkgelegenheid die uit de haven komen daarentegen wel.’

Vertrouwen

In de binnenvaartsector zijn al behoorlijk veel digitale toepassingen. Van der Meulen: ‘Het is hierdoor moeilijk om door de bomen het bos nog te zien. Je wil niet evenveel platforms als havens hebben. Het doel is om kwalitatieve databases op te zetten waar gebruikers, schippers en verladers mee kunnen werken. Daarbij is het belangrijk dat zij vertrouwen kunnen hebben dat er bij het platform goed wordt omgegaan met hun data. Het is een illusie dat er straks één groot platform komt waarin alle verschillende digitale projecten samenkomen. De wens is wel dat de verschillende digitale toepassingen op elkaar aansluiten. Daarbij kan digitalisering een voertuig zijn voor harmonisatie. In de huidige situatie is het zo dat de grondslagen waarop havengelden worden berekend heel verwarrend kunnen zijn. Havengeld is bij de ene haven gebaseerd op laadvermogen en bij de andere haven op omgezet volume. Ook geldt er in sommige havens een ander havengeldtarief op dinsdag dan op woensdag of er is een verschil in tarief tussen zomer en winter. Het is in het belang van de havens dat ze samen optrekken en eenduidigheid creëren, maar wel op zo’n manier dat ze hun eigen identiteit kunnen behouden.’

Chris van der Meulen (bron: NVB, tekst loopt door onder foto).

Chris van der Meulen

NVB

De NVB speelt in op deze ontwikkelingen in de binnenvaart en wil zorgen voor samenhang tussen alle digitaliseringstrajecten, zegt Van der Meulen. ‘Om dit doel te bereiken is een werkgroep samengesteld met professionals uit de Nederlandse binnenhavens: POLO (Port of Twente, Port of Zwolle en Port of Deventer, red.), Blueports Limburg, North Sea Port en de havens van Moerdijk, Zwijndrecht en Bergen op Zoom. Ook houden we lijntjes met havens als Rotterdam en Amsterdam. De werkgroep is aangevuld met geassocieerde NVB-leden; bedrijven die digitale oplossingen ontwikkelen, waaronder Portmobile, POMACS, IT-partner en Park-line Aqua. Zij brengen waardevolle kennis met zich mee. Deze aanbieders kunnen van de werkgroep leren door te luisteren naar de verhalen uit de binnenhavens hoe zij over digitalisering spreken en de binnenhavens kunnen leren van wat er allemaal mogelijk is op digitaal gebied. De havens en bedrijven werken met elkaar aan het opstellen van richtlijnen die alle binnenhavens kunnen toepassen in hun eigen haven. Welk probleem kiezen de havens uit die de marktpartijen moeten oplossen? De marktpartijen kijken vervolgens hoe deze oplossing digitaal vormgegeven kan worden in de havens.’

Zijwieltjes

Van der Meulen omschrijft zichzelf als de zijwieltjes van de werkgroep. ‘Ik breng de mensen bij elkaar. Als we iemand van Rijkswaterstaat nodig hebben voor een bijdrage regel ik dat. Zeker ook wanneer de mening van een schipper gevraagd wordt, omdat zij vooral baat hebben bij digitalisering. De werkgroep gaat tot en met september inhoudelijk aan de slag. Vanwege corona heb ik besloten om het fysiek vergaderen om te zetten in digitale bijeenkomsten. In de werkgroep wordt nagedacht over het vormgeven van digitalisering in de binnenhavens. Ze moeten de aansluiting vinden op digitale systemen die vaarwegbeheerders gebruiken, waaronder Bics. De deelnemers aan de werkgroep kennen inmiddels elkaars doelen. Hoe zien zij digitalisering in hun operatie om die doelen te verwezenlijken? In juni worden de eerste concrete resultaten gepresenteerd. Dan wordt een advies gegeven aan het NVB-bestuur over de algemene richtlijnen voor digitalisering.’

Foutgevoelig

De automatisering van het innen van het havengeld wordt als een van de belangrijkste toepassingen gezien op het gebied van digitalisering. Van der Meulen: ‘Havens merken dat hun oude systemen arbeidsintensief zijn of heel foutgevoelig. De gebruikers vinden de grondslagen verwarrend. In kleinere havens worden havengelden nog geadministreerd door havenmeesters die de ene dag marktmeester zijn en de andere dag havenmeester. Je wil digitalisering inzetten om binnenhavens te ontlasten, zodat medewerkers echt met hun werk bezig kunnen zijn: verbeteren van dienstverlening en faciliteiten, zorgen voor veiligheid en daar waar nodig persoonlijk contact. Zo hoeven zij niet bezig te zijn met basale activiteiten, zoals de administratie van havengelden.’

Vervolgstappen

Van der Meulen zegt dat deze werkgroep het begin is van de digitalisering van de binnenhavens. ‘Digitalisering is nooit af en het doel is nooit behaald. Ik vermoed dat de werkgroep, nadat de groep in september een plan op tafel legt bij de NVB, samen verder werkt aan de vervolgstappen. Tot die tijd zijn ze vooral bezig met de geautomatiseerde inning van de havengelden. Hier moet een soort routebeschrijving voor havens uitkomen. Zodra deze af is, kan het bouwen van de digitale systemen beginnen. De routebeschrijving is voor de havens die hun eerste stappen zetten om te digitaliseren, zodat ze zelf het wiel niet hoeven uit te vinden. Maar ook voor de havens die al wat verder zijn, houvast willen hebben en aangesloten willen zijn bij het Nederlandse havennetwerk. De koplopers en de beginnelingen moeten ermee aan de slag kunnen. Dat wordt een uitdaging. Deventer heeft niet dezelfde behoefte als Rotterdam of Moerdijk. De koplopers hebben al geïnvesteerd in een bepaalde digitale methodiek die zij niet gaan afschrijven. De koplopers moeten net als de beginnelingen een volgende stap kunnen zetten die niet een stap achteruit is of zo duur is dat het onhaalbaar is. Een andere horde die misschien genomen moet worden is een bredere consensus rond de toepassing van AIS. Dit kan een heel handig instrument zijn voor het automatiseren van inning van havengelden. Het kan ook schippers administratief ontlasten en haventarieven drukken. Tegelijkertijd moeten de havens kunnen uitleggen dat zij niet lijden aan infobesitas en zich matigen in de manieren waarop zij informatie gebruiken.’

Lees meer..